De razendsnelle technologische ontwikkeling is niet gestopt bij de deuren van datacenters. Naarmate het Internet of Things (IoT) blijft groeien, groeit ook de behoefte aan opslag- en verwerkingscapaciteit. Edge computing is een trend naar meer gedistribueerde oplossingen. Bertrand Delatte, hoofd van Data Center Solution & Services Europe bij Siemens, gaat in op deze ontwikkelingen, de gevaren die verbonden zijn aan nieuwe technologieën en de redenen waarom hij transparantie onontbeerlijk vindt bij het runnen van een datacenter.

Het datavolume neemt exponentieel toe naarmate het Internet of Things (IoT) steeds populairder wordt. Waar zal al die informatie in de toekomst worden verwerkt en opgeslagen?

De digitale revolutie stelt niet alleen bedrijven, maar ook overheden voor grote uitdagingen. Cloud services zullen tegen hun grenzen aanlopen in termen van internetbandbreedte en -latentietijden. Daarom worden steeds meer IoT-data buiten datacenters verwerkt en berekend. Daarvoor heb je een gedistribueerde IT-infrastructuur nodig die is afgestemd op de individuele behoeften van een bedrijf. De branche noemt dat soort oplossingen “edge computing”. Ik denk dat elke organisatie die op de lange termijn succesvol wil zijn, een edge-infrastructuur nodig heeft. Ze zullen ten minste een deel van hun IoT-data ter plaatse moeten kunnen verwerken.

De markt voor datacenters is zeer concurrerend. Hoe kunnen operators hun winstgevendheid verhogen en tegelijkertijd een maximale uptime garanderen?

In één woord, transparantie. Hoe transparanter je de bedrijfsvoering van een IT-infrastructuur en een gebouw maakt, hoe transparanter de kosten ook zullen zijn. En op basis daarvan kunt je ook potentiële optimaliseringsmogelijkheden identificeren. Althans, dat is de stellige overtuiging die ten grondslag ligt aan ons portfolio van oplossingen en services, wat wij de Integrated Data Center Management Suite noemen. Deze bevat alle benodigde componenten – of het nu gaat om gebouwbeheer, datacenter-infrastructuurbeheer (DCIM) of tools voor het optimaliseren van de performance.

Publieke en hybride clouds worden steeds populairder, maar de mensen maken zich nog steeds zorgen over de veiligheid. Hebben ze een punt?

Welke digitaliseringsstrategie een bedrijf ook volgt, beveiliging moet altijd bovenaan de lijst staan – dat wil zeggen zowel fysieke beveiliging als cybersecurity. En om de risico’s tot een minimum te beperken, is ook hier weer absolute transparantie nodig. Wie heeft welke gegevens gedownload en wanneer? Wie is bevoegd om toegang te hebben tot wat? En wanneer? Als je die vragen kunt beantwoorden, ben je op de goede weg.

Datacenters moeten niet alleen worden beschermd tegen cyberaanvallen, maar ook tegen fysieke indringers en aanvallen op de infrastructuur. Hoe groot is het risico van dergelijke aanvallen?

Het aantal cyberaanvallen blijft stijgen, maar het aantal aanvallen op de fysieke infrastructuur neemt af. Dat is een goede zaak, want ze kunnen enorme schade veroorzaken. In het ergste geval kan een datacenter volledig worden stilgelegd. Dat zou niet alleen drastische financiële gevolgen hebben, het zou ook leiden tot een verlies van vertrouwen bij de klant. Om dat soort horrorverhalen te voorkomen, is het het beste om een holistisch veiligheidsconcept te hebben dat de gehele levenscyclus van de infrastructuur en vier dimensies omvat: mensen, technologie, proces en tijd. Wat goed is aan een dergelijke aanpak is dat je hiermee twee vliegen in één klap slaat – het vermindert de dreiging van zowel fysieke aanvallen als cyberaanvallen.

Iedereen heeft het tegenwoordig over 5G-technologie. Zal de glasvezelinfrastructuur binnenkort verouderd zijn?

Zeker niet! Glasvezel is de levensader van de industrie, geen enkel groot datacenter kan zonder glasvezel. In regio’s waar glasvezelverbindingen beschikbaar zijn, gaat de digitalisering op topsnelheid. Nieuwe datacenters worden daar groter en zorgen op hun beurt voor economische groei. Ik zie 5G-technologie als een aanvulling op de glasvezelinfrastructuur. Het zal het mogelijk maken om digitalisering te versnellen waar nog geen snelle datalijnen zijn. Edge computing oplossingen kunnen worden gerealiseerd op een 5G basis. Dat kan een aanzienlijke compensatie  bieden voor tekortkomingen in de infrastructuur.

Datacenters hebben enorme hoeveelheden energie nodig. Wat zijn de kansen om ze duurzamer te maken?

Ten eerste kunnen datacenters worden geoptimaliseerd met nieuwe technologieën en ten tweede zullen veranderingen in processen ook helpen. Bijvoorbeeld, koeling om het energieverbruik te verminderen. Restwarmte kan worden gebruikt voor het verwarmen van andere gebouwen. Dat verkleint de ecologische voetafdruk. Als je kijkt naar de energievoorziening staat betrouwbaarheid voorop. Hernieuwbare vormen van energie zijn dus niet ideaal voor grote datacenters. Bij kleinere, gedistribueerde locaties is het beeld anders. In Frankrijk hebben we al deel uitgemaakt van een project dat ook gebruik maakt van wind- en zonne-energie. Ik ben er van overtuigd dat edge-technologie tot meer van dit soort gedistribueerde projecten zal leiden.

Lees hier het volledige artikel (Engels).

Reacties zijn uitgeschakeld voor dit artikel